Even voorstellen
Vincent Schiphorst (1966) is geboren in Heeten (Overijssel) en woont nu in Leeuwarden. Naast zijn fulltimebaan als commercieel medewerker bij de Technische Unie kan hij ook nog tijd vrijmaken voor zijn partner, zijn twee kinderen en zijn grote hobby: fotografie. In zijn huis bouwde hij op de bovenste verdieping een eigen studio met flitsers en achtergronden, waar regelmatig familieleden en vrienden voor hem poseren. Vaak levert een fotosessie bij Vincent enigszins lugubere beelden op. Niet door iedereen gewaardeerd, maar voor Vincent is het dé manier om zijn creativiteit te uiten.
Drie uur voor het interview lijkt Vincent zenuwachtig. Hij sms’t of hij nog iets mee moet nemen, een camera of zo? Op het moment suprême, nadat we allebei meer dan een uur in de trein hebben gezeten, is van zenuwen niets te merken. Gezellig pratend zoeken we naar een cafeetje. Onder het genot van een kopje koffie vertelt Vincent over zijn manier van fotograferen.
Hoe ben je met fotografie begonnen?
Ik ben al van jongs af aan creatief bezig. Jarenlang schilderde en tekende ik veel. Niet de standaard landschappen of bloemen, maar mijn eigen creaties. Geweldig vond ik dat: een eigen werkelijkheid creëren. Toen ik Photoshop ontdekte, was ik direct enthousiast. Met materiaal van internet knutselde ik mijn eigen beelden in elkaar. Vaak besteedde ik meer dan tien uur aan één enkele bewerking voordat ik tevreden was. Na een tijdje dook ik het web op om mijn creaties te laten zien. Daar ontmoette ik via Zoom.nl mensen die hun eigen foto’s bewerkten ... Een nieuwe wereld ging voor mij open!
"Ik merk dat de ogen een foto kunnen maken of breken"
En hoe ben je uitgekomen bij jouw fotografiestijl?
Ik denk dat iedereen het wel herkent: als je net begint met fotograferen, moet je op zoek naar jouw interesse. Toen ik mijn camera net had, ging ik allerlei genres uittesten. Net als bij het schilderen en tekenen vond ik de natuur niet zo interessant. Portretten vond ik veel leuker. Maar dan niet de standaard pasfotootjes: er moet wel wat creativiteit in zitten. Voor ik een foto ga maken, denk ik dan ook goed na over wat ik met die foto wil. Ik heb van tevoren een uitgewerkt idee in mijn hoofd, inclusief belichting en nabewerking.
Hoe ontstaat zo’n idee?
Vaak vormen zich vanzelf beelden in mijn hoofd wanneer ik dingen meemaak, op internet tegenkom of in films zie. Ik hoorde een keer iets over dementie en kwam op het idee om dit uit te beelden in een serie. Ik heb mijn moeder gevraagd om voor mij te poseren zonder haar gebit en met wat lippenstift en een pop. Veel mensen vragen of het echt iemand met dementie betreft, en vinden het jammer om te horen dat dit niet zo is. Waarom is dat erg, als je het niet aan de foto ziet? Ik vind de serie er niet minder geslaagd door. Als ik overtuigd ben van mijn idee voor een serie, wil ik er helemaal voor gaan. Maar als ik merk dat de foto’s niet worden zoals ik wil, kan ik het idee rustig even laten liggen om later opnieuw te beginnen. Ik merk dat de ogen een foto kunnen maken of breken. Blik, uitstraling en emotie moeten meteen iets oproepen bij foto’s die ik goed vind.
"Mijn foto's 'lachen' weinig, dat moet ik toegeven."
Fotografeer je wel eens zonder zo’n concept?
Zelden. Ik vind dat niet zo fijn werken. Zulke foto’s blijven meestal onbewerkt op de computer staan. Het zijn wel mooie plaatjes, maar ik kan er verder niets mee. Ik kan er mijn creativiteit niet in kwijt. Dat soort foto’s maak ik ook alleen als ik met een vast groepje fotografen op pad ga. We hebben elkaar in 2006 via Zoom.nl leren kennen. Sindsdien maken we af en toe een fotografisch uitstapje. Onlangs is de hele club met partners en al bij mij thuis blijven slapen en hebben we Moddergat bezocht. Het leverde prachtige foto’s op in verschillende stijlen. Dat is het leukste: verschillende mensen met hun eigen stijl, maar allemaal met dezelfde passie.
Heb je nu al ideeën die je nog wilt uitwerken?
Er zitten twee ideeën in mijn hoofd. Ten eerste een foto van mijn collega en buurman, die onlangs is geopereerd aan zijn hart. Hij wil graag een portret waarop het litteken van de operatie te zien is. Mijn plannen gaan nog wat verder: bij de plaatselijke slager wil ik een varkenshart halen. Dat lijkt namelijk het meeste op een menselijk hart. Ik wil hem laten poseren met dat hart in zijn hand.
Het tweede idee is een foto van mijn nichtje. Haar wil ik laten poseren met een half gevild konijn, om de jacht uit te beelden. Ze hebben namelijk thuis zo’n echte jachthond, en mijn zwager jaagt. Haar moeder vindt het uiteraard een luguber idee, maar ze kent mijn werk. Het is nog even de vraag hoe we mijn nichtje zover krijgen om een goede pose aan te nemen met een diepgevroren gevild konijn. Je moet weten dat ze pas vijf jaar oud is ... Als het een beetje meezit, wil ik de jachthond daar statig en strak naast hebben staan. In één shot, zonder manipulatie achteraf.
"Als ik overtuigd ben van mijn idee voor een serie, wil ik er helemaal voor gaan."
Heb je een voorkeur voor enge beelden?
Mijn foto’s ‘lachen’ weinig, dat moet ik toegeven. Maar ik maak geen foto’s met de bedoeling om mensen af te schrikken. De beelden moeten wel mooi zijn! Ik heb al vaak reacties gehad in de trant: ‘Dat je zoiets durft te maken ..!’ De een zegt het met afschuw, de ander met bewondering. Ik ontken niet dat er lugubere foto’s en bewerkingen in mijn portfolio zitten. Maar ik vind zelf dat ze niet over de grens gaan.
Waarom ben je nog geen prof, gezien je niveau?
Dat heeft drie redenen. Allereerst vind ik mezelf geen professional: ik ben op sommige vlakken nog niet trefzeker. Ik heb geen fotografische opleiding gevolgd; mijn kennis komt van internet en uit boeken en tijdschriften. Je leert door veel te doen en eindeloos uit te proberen … doorzetten dus! Bij menig hobbyfotograaf zal dat niet anders zijn, maar van een professional mag je toch wel een gedegen opleiding verwachten. In de toekomst wil ik me wel gaan oriënteren op een opleiding of een goede workshop, om zaken als licht beter onder de knie te krijgen.
Een tweede reden is zekerheid voor wat betreft m’n inkomsten. De kachel moet branden, nietwaar? Met mijn huidige baan heb ik deze zekerheid; als professioneel fotograaf zou ik die verliezen. De laatste reden is dat ik het slechts in bepaalde gevallen leuk vind om in opdracht te werken.
"Ik heb van tevoren een uitgewerkt idee in mijn hoofd, inclusief belichting en nabewerking."
Wat vind je vervelend aan opdrachten?
Veel opdrachten die ik nu krijg, vind ik wel leuk. Daar mag ik zelf een idee uitwerken. Maar het lijkt me niets om dagen achtereen alleen portretten van mensen te maken. Zomaar alles fotograferen om genoeg geld binnen te krijgen, is de dood voor elke creatieve fotograaf. Ik wil zélf bepalen wat ik fotografeer. Binnenkort ga ik promotiefoto’s maken voor de band van mijn collega. Ze willen opvallende en aparte foto’s. Daar kan ik me helemaal op uitleven. Ze moeten zelf wat spullen meenemen, zowel muziekinstrumenten als alledaagse voorwerpen. We gaan ergens in Friesland foto’s maken, met het oer-Hollandse landschap als achtergrond. Een beetje à la Anton Corbijn, één van mijn grote voorbeelden.
Waarom gebruik je vaak familie en vrienden als modellen?
Je moet toch klein beginnen ..? Ik begon met mijn kinderen en mijn ouders. Later fotografeerde ik ook collega’s en vrienden van de sportschool. Mijn netwerk wordt op die manier steeds breder. Maar de stap naar echte vreemden fotograferen is nog vrij groot. Waar haal je die mensen vandaan en hoe moet je ze aansturen? Vooral dat laatste vind ik lastig: een vreemd iemand vastleggen in de juiste houding en met de juiste blik.
"Mensen fotograferen vind ik leuk, maar ik maak geen standaardportretjes."
Voor de serie van de schoonzwemsters gebruikte je ook bekenden ..?
Dat klopt. Ik zag een badmuts in de winkel en kwam op het idee voor deze serie. Ik heb een vriendin gevraagd om voor me te poseren. Omdat het resultaat goed was, heb ik meer vrouwen uit mijn omgeving voor de camera gevraagd. Ik ben niet op de nationale zwemploeg afgestapt omdat ik mezelf nog geen professional vind. Ik zou het concept ook anders moeten uitwerken, want deze foto’s zijn heel erg bewerkt. Als je één van die vrouwen in het dagelijks leven tegenkomt, zou je haar niet direct herkennen.
Wat is er allemaal aan bewerkt?
Heel veel, maar het zit ‘m in de kleine details. Van de ogen, oren en wenkbrauwen (of juist het ontbreken daarvan) tot de hals en lichaamscontouren. Het veranderen van de contouren en verhoudingen van het lichaam heeft het grootste effect. Ik heb zo extreem bewerkt omdat ik de grens wilde opzoeken tussen echte mensen en poppen. Kennelijk is die grens nog lang niet bereikt, want veel mensen zien niet in één oogopslag dat de foto’s zo heftig bewerkt zijn. Wel wordt vaak gevraagd of die mensen ziek zijn … De foto’s hebben dus wel iets aparts.
"Dit vind ik mijn mooiste foto. 'Skull' straalt een soort droevigheid uit."
Wat vind je zelf jouw mooiste foto?
Pfff ... dat is moeilijk! Ik ga toch voor ‘Skull’. Deze straalt iets uit qua sfeer en emotie: een soort droevigheid. Misschien ben ik er wel zo trots op omdat ik er ontzettend lang mee bezig geweest ben. Het is een foto van mijn zoontje Sander met een soort muts op, waar ik de oren uit heb gehaald. Toen ik daar eenmaal tevreden mee was, begon het zoeken naar de goede pose. Bij de nabewerking heeft het veranderen van de structuur van de huid het meeste tijd gekost. Alle haartjes die je ziet, heb ik er met de hand bijgetekend.
En wat vindt je zoon ervan ..?
Het poseren vinden mijn kinderen steeds minder leuk. Ze zijn het een beetje zat. Als ik een idee heb, willen ze best even poseren, maar langer dan vijf minuten mag het niet duren. Met de normalere foto’s zijn ze meestal wel blij, maar met de vervreemde hebben ze niet zoveel. ‘Skull’ mag ik bijvoorbeeld niet op Hyves zetten: dat vindt Sander maar raar. Hij herkent zichzelf ook niet meer in de foto. Ze vinden het wel allebei geweldig als ze een foto van zichzelf in een blad zien staan: dan zijn ze trots! Het blad moet dan mee naar school om aan alle vriendjes te laten zien. Dát dan weer wel ...
"Ik zag een badmuts in de winkel en kwam op het idee voor deze serie."
3 tips van Vincent Schiphorst
- 01 Bekijk beelden van anderen in kranten en tijdschriften en op internet. Kijk naar wat je aanspreekt, wat je raakt en wat niet, en waarom. Dit versterkt je eigen stijl. Maar word geen ‘copycat’: probeer je eigen draai te vinden!
- 02 Zorg dat je portfolio goed in elkaar steekt. Voorkom een ratjetoe van allerlei stijlen en maak keuzes in wat je wilt laten zien.
- 03 Volg je hart: doe waar je passie voor en persoonlijke binding mee hebt. Juist die geëngageerdheid maakt fotografie interessanter.
Permalink

