Tekst Dirk Schoofs foto Tyler Morrison.
Aanpassingslagen: plaatselijke correcties met permanente bijstuurmogelijkheid
Voor

Na

1. Aanpassingslaag
Hier gebruiken we Photoshop Elements (7), maar de techniek werkt net zo goed met de professionele versie. Natuurlijk kun je via de Niveaus deze ietwat onderbelichte foto over de hele linie ophelderen, maar dat is niet de bedoeling. Iedere zone vraagt immers om een andere aanpak. Hier moet de voorgrond lichter worden zonder dat de lucht en de donkere glans op het water mee verbleken. Eerst open je het palet Lagen en kies je in de gereedschapsbalk de Lasso. Daarbij stel je in de optiebalk de Doezelaar op 20 pixels in. Selecteer met de Lasso ruwweg de voorgrond. De Doezelaar staat borg voor een zachte overgang van 20 pixels breed. Klik dan in het palet Lagen op de zwart-witte bol: de knop Aanpassingslaag maken. In het menu dat uitklapt, kies je Niveaus zodat het gelijknamige venster verschijnt.

Een aanpassingslaag bestaat uit een masker in combinatie met een bepaalde correctie.
2. Niveaus corrigeren
Ook zie je in de bovenste laag een masker, gevormd door de selectie die je daarnet hebt gemaakt. Doordat de selectie een zachte overgang heeft gekregen, is de overgang tussen het wit en het zwart van het masker eveneens zacht. In het venster Niveaus klik je op het witte driehoekje van de Invoerniveaus. Sleep dat naar links. Zodoende zal alleen het gebied in de witte zone van het masker (de eerder gemaakte selectie) ophelderen. Alles wat met zwart werd gemaskeerd, blijft ongewijzigd. Klik op OK. Vervolgens selecteer je de luchtpartij. Wees geen pietje-precies: de Doezelaar blijft immers op 20 pixels staan. Opnieuw ga je naar het palet Lagen en klik je op Aanpassingslaag maken, Niveaus. Zoek ook hier de optimale instelling door het witte en het zwarte driehoekje te verschuiven.

Sleep het zwarte en witte driehoekje naar de linker- en rechtervoet van de grafiek.
3. Laag op laag
Dan selecteer je bijvoorbeeld het meer en herhaal je de bewerking van daarnet. In het palet Lagen zie je hoe bij iedere stap een nieuwe aanpassingslaag wordt gevormd. Naast iedere aanpassingslaag verschijnt de naam van de uitgevoerde bewerking. Je hoeft trouwens niet per se met de Niveaus te werken; ook met Kleurtoon/verzadiging kun je mooie dingen doen. Vind je het effect van een bepaalde aanpassingslaag iets te sterk of te zwak, dan dubbelklik je in het palet Lagen op het regelpaneeltje van de betreffende laag. Zo kun je de instelling alsnog veranderen. Zelfs het masker kun je handmatig bijwerken. Klik op een masker van zo’n aanpassingslaag en gebruik een wit of zwart penseel om het masker te verkleinen respectievelijk te vergroten. Je zult zien dat de ingestelde bewerking de nieuwe vorm van het masker volgt.

Iedere aanpassingslaag corrigeert een specifieke beeldzone.
Permalink
