Tekst Nikki van der Velden.
Taiwan: Eén grote wondere sprookjeswereld
Het avontuur begon al bij de voorpret via de mail en op internet. Wat zouden we gaan zien, wat was de beste plek in het vliegtuig, met wie hadden we eigenlijk te maken ..? Zaterdagmiddag 28 februari troffen de terechte prijswinnaars Nanouk El Gamal, Simone Schut en Sébastien Lebrun plus de afgevaardigden van Zoom.nl elkaar op Schiphol om een zeer bijzondere reis van een dikke week te maken!
Dat we met een gezellige groep die voor alles openstond te maken hadden, was al snel duidelijk. Er werd flink wat afgekeuveld en gelachen. Ook werden direct tassen opengeritst om verschillende lenzen en filters uit te wisselen, zoals eerder online was afgesproken. Een goed voorteken voor de rest van de reis, waarop we al heimwee naar Taiwan en elkaar hadden voordat we goed en wel terug waren.
Zondagmiddag rond één uur landden we op het vliegveld bij Taipei, de hoofdstad van Taiwan. Eenmaal uit het vliegtuig, was het even acclimatiseren in een compleet andere wereld met hordes mensen die je niet kunt verstaan, en borden vol tekens die je niet kunt lezen. Gelukkig zagen we bij de uitgang al snel een bordje waarvan de opdruk ons bekend voorkwam: Zoom.nl! Hier ontmoetten we Henry: onze gids en tevens steun en toeverlaat voor de rest van de week.

Foto: Simone Schut
Snel in Taiwan-sferen
Tijd om bij te komen van de lange vliegreis was er niet: het programma zat bomvol! Dat was natuurlijk niet erg: hoe meer Taiwan, hoe beter. Na een snelle opfrisser in het hotel zijn we direct weer de auto van Henry ingesprongen voor een tour door Taipei. Als eerste bezochten we Martyrs’ Shrine (Monument voor de Martelaren): een complex dat is gebouwd voor allen die ooit in verschillende oorlogen voor Taiwan zijn gesneuveld. Hét verplichte nummer is de wisseling van de wacht, en daarvoor waren we precies op tijd. De camera’s werden vers uit hun tassen gehaald en de eerste mooie beelden waren een feit. Het grote, overweldigende complex is gebouwd in typisch Taiwanese ‘tempelstijl’, wat je direct een goede eerste indruk van Taiwan geeft. Het warme weer hielp overigens ook mee om ons in vakantiesferen te krijgen.
Eén van de dingen die je letterlijk en figuurlijk niet kunt missen als je in de hoofdstad bent, is de ‘Taipei 101’: met 509 meter het op één na hoogste gebouw ter wereld. De lift bracht ons in 37 seconden (!) naar de negenentachtigste verdieping. Daarvoor hadden we overigens eerst misschien wel 37 minuten in de rij gestaan ... het leek wel een attractie op de Efteling! We bezochten de Taipei 101 vlak vóór zonsondergang. Op deze manier sloegen we twee vliegen in één klap: een weids uitzicht over de bruisende stad én Taipei in het donker vol knipperende lichtjes. Een magisch gevoel op die hoogte!
In Taiwan houden ze van lichtjes ... zo veel mogelijk lichtjes in zo veel mogelijk kleuren. Helemaal tijdens het lantaarnfestival (Lantern Festival), dat plaatsvond op het moment dat wij er waren. Die avond fonkelden onze ogen van alle schitterende lampjes die het decor vormden van het festival, op een open plein midden in de stad. Taiwanese kunstenaars hadden van stof en ijzerdraad (voor zover wij dat konden inschatten) verschillende verlichte dieren- en mensenfiguren gemaakt, die overal verspreid stonden. We waanden ons in een sprookjeswereld! En dat is Taiwan ook: één grote wondere wereld. Moe maar voldaan van de eerste dag zochten we ons bed op, want de dag erna zou het programma even vol zijn.

Een gelovige aan het bidden bij de Longshan Tempel.
Foto: Nanouk el Gamal
Chips en rijst
In de ochtend reden we naar de levendige Longshan Tempel in Taipei. Als je ergens Taiwan kunt zien, horen, ruiken, proeven en ervaren, dan is het hier wel! De tempel is op elke plek waar dat maar mogelijk is versierd. En overal staan gelovigen te bidden met wierook en kaarsen. Op grote tafels worden offers voor de goden neergelegd, variërend van ananassen via zakjes chips tot vers gekookte rijst. We zagen zelfs hoe complete rijstkookpannen mee naar binnen werden gedragen.
In de Longshan Tempel hebben we zeker anderhalf uur afzonderlijk van elkaar rondgelopen en ons volledig op de fotografie gestort. Telkens als we elkaar tegenkwamen, lieten we elkaar dolenthousiast onze schermpjes zien. Wat een mooi beeld! Het viel ons op dat we zo vrij konden fotograferen. Niemand die ons raar aankeek, terwijl er behalve ons groepje toch maar weinig Westerse toeristen waren. Hieruit blijkt ook hoe toegankelijk Taiwan is: iedereen laat je in je waarde. Al snel waren we niet meer zo schichtig met het trekken van onze camera’s.

Deze Taiwanese dame was druk naar zeewier aan het vissen.
Foto: Nanouk el Gamal
Chocolade, zeewier en verse vis
Na ons overweldigende tempelavontuur stapten we in Henry’s auto voor een tocht naar de bergen, richting Sunmoon Lake. Maar niet voordat we een tussenstop hadden gemaakt bij Yeliu National Park. Hier troffen we een kleine tweehonderd rotsformaties aan, die qua structuur leken op Bros-chocolade. Voor de natuurfotografen onder ons een schitterende uitdaging. In combinatie met de blauwe zee, het groene zeewier en de zandkleurige rotspunten kon HDR-fotografie niet uitblijven. Ook lieten we ons oog vallen op twee gezellig kakelende Taiwanese dames die in het water zaten op jacht naar zeewier. Tassen vol werden aan wal gebracht. Het was een erg mooi en vrolijk tafereel om te zien én te fotograferen.
Uiteraard moest er ook geluncht worden, en aangezien Yeliu National Park aan de kust ligt, was het al vis wat de klok sloeg. Je mocht zelf een nog springlevend exemplaar uitkiezen in het aquarium voor de deur van het restaurant, vervolgens je favoriete bereidingstechniek aangeven, en enkele minuten later verscheen de vis dampend op tafel. Verser kun je het niet krijgen! Al was zo’n verse vis (of vis in het algemeen) niet voor ons complete reisgezelschap weggelegd ... De varkenspoten, kippennagels en meer van dat soort ‘enge’ dingen evenmin trouwens. Maar ach, er stonden ook altijd rijst en groente op het menu, dus er was geen gevaar om te verhongeren. Henry was een voortreffelijke gastheer, en zorgde bij elke maaltijd voor bier en andere zaken die er bij iedereen in gingen.

Voor eeuwig op ons netvlies gebrand: de zonsopgang bij Sunmoon Lake.
Foto: Nanouk el Gamal
Magnifiek Sunmoon Lake
In de namiddag reden we naar Sunmoon Lake, maar tegen de tijd dat we daar aankwamen, was de zon al onder. Een echte indruk kregen we dus pas de dag erna, toen we een boottocht over het meer maakten. Heerlijk, uitwaaien met de zon op onze bol! Leuk om te zien dat ook veel Taiwanese dagjesmensen hun plek op de boot hadden gevonden. Onze camera’s draaiden overuren.
Inmiddels voelden wij ons ook al behoorlijk thuis in Taiwan. Het hotel was al even gemoedelijk als de boottocht. In de grote voortuin vonden we voor het eerst een ‘terrasje’. Iets waar wij Nederlanders (en niet te vergeten één Belg) natuurlijk gretig gebruik van maakten. Die avond konden we het echter niet zo laat maken, want de volgende ochtend stond de zonsopgang op de planning!
Opstaan ging bij de één wat makkelijker dan bij de ander, maar om kwart over vijf ’s morgens stonden we allemaal klaar. Uiteraard gewapend met camera, filters en statief. Henry had een mooie plek bedacht op een half uur rijden van het hotel, en daarin kreeg hij gelijk. We zagen prachtig gekleurde wolken, zonnestralen, bergen en de weerspiegeling in het water. Dit beeld staat voor eeuwig op ons netvlies gebrand, en gelukkig kunnen we er dankzij de vele foto’s voor altijd van genieten.
De rest van de dag hebben we voornamelijk in de auto doorgebracht, want het was een flinke rit naar Tainan in Zuid-Taiwan. Onderweg maakten we diverse stops voor onder meer een tempel, een zoutvlakte en een pauwenpark. ’s Avonds hebben we de Carrefour (de supermarkt die je vast wel kent van vakanties in Frankrijk) bezocht om een indruk van shoppende Taiwanezen te krijgen. Heel interessant om de cultuurverschillen te zien! Zo smeren Taiwanezen zich in met blekende dagcrème en bodylotion om blank te blijven, en snappen ze niet dat wij het juist fijn vinden om met een lekker kleurtje huiswaarts te keren. Qua fotografie was dit echter onze minste dag, maar je kunt ook niet een hele week non-stop op scherp staan ...

Een oude vrouw tussen de offers voor de goden bij de Longshan Tempel.
Foto: Sébastien Lebrun
De aardbeving!
Op de donderdagochtend snapten we ineens allemaal waarom ‘Spanning’ het thema van deze Zoom.nl lezersreis was. We werden overvallen door een aardbeving van 6,4 op de schaal van Richter! Van voor naar achter, van links naar rechts: zo werden we door onze hotelkamers heen geslingerd. Gelukkig hield het snel op, was er geen extreme schade en doorstonden wij de beving ongedeerd, ondanks dat we erg geschrokken waren natuurlijk. Door het oog van de naald!
Zo’n aardbeving doet vanzelfsprekend wel wat met je, dus het duurde even voordat we ons opnieuw konden focussen op het programma. Toch waren er weer genoeg bijzonderheden te zien, waaronder twee door Nederlanders gebouwde forten: Fort Zeelandia en Fort Providentia. Schitterende kleurrijke houten gebouwen, al waren onze camera’s meer gericht op alle mooie mensen en vooral kinderen die hier rondliepen. Voor het eerst werden ook wij op de foto gezet alsof we een attractie waren. Tja, voor wat hoort wat ...

Deze wacht bij Martyrs' Shrine nam zijn taak erg serieus.
Foto: Sébastien Lebrun
Boeddha’s en avondmarkten
De dag erna hadden we onze scherpte weer terug, en maakten we ons op voor de lange terugreis van Tainan naar Taipei. Het idee was om dit per trein te doen, maar helaas reed deze niet vanwege de aardbeving. Gelukkig bood de auto van Henry de oplossing. Aan lange autoritten waren we inmiddels aardig gewend.
Voordat we op pad gingen, brachten we eerst een bezoek aan Fokuangshan: een boeddhistisch klooster. Zó veel en zulke grote Boeddhafiguren hadden we nog nooit gezien! In de hoofdtempel van het klooster waren de muren bedekt met bijna vijftienduizend Boeddhabeeldjes! We keken onze ogen uit in het felle zonlicht, en probeerden zo veel mogelijk loslopende kloosterbewoners vast te leggen, want die zie je niet elke dag! Fokuangshan was een heerlijke, rustgevende plek om rond te (ver)dwalen. Dit was tevens een perfect decor voor onze groepsfoto, midden tussen de Boeddhabeelden.
Weer naar huis
De laatste vierentwintig uur van de reis stond in het teken van het straatleven van Taipei, want daar waren we inmiddels weer aangeland. De Shihlin-markt is er eentje om niet te missen! Bruisend straatleven ten top, en dat ook nog ‘s avonds. De geluiden, kleuren en geuren stoven op ons af. Niet altijd even lekkere geuren trouwens: Taiwanezen eten kennelijk liever rotte tofu en eieren dan dampende boerenkool. Verschil moet er wezen, maar wij knepen af en toe onze neuzen stevig dicht! Qua beeld is die mensenmassa met al dat eten natuurlijk wél om van te watertanden.
Dat was alweer onze laatste avond. De laatste dag hebben nog wat dagmarkten in Taipei bezocht, en aan het einde van de middag namen we afscheid van Henry op het vliegveld. Dat voelde vreemd ... we gingen echt naar huis! We beseften dat we die schitterende natuur, het bruisende stadsleven, het gemoedelijke platteland, het heerlijke verse eten, het vriendelijke volk, de warme zonnestralen, de bonte kleurenpracht, de bijzondere tempels, de religie en de tradities allemaal moesten gaan missen. We zouden zó weer een vliegtuig terug pakken ... Gelukkig maar dat we de foto’s nog hebben!

Paraplu's worden met name ingezet tegen de felle zon.
Foto: Nanouk el Gamal
Permalink
