Meld je gratis aan
Eenvoudige oefeningen om fotografie beter te begrijpen © diafragma, scherptediepte, uitleg

20 augustus 2017, 10:00

Ben je de basistechnieken van fotografie aan het leren, maar weet je niet goed hoe je hiermee moet oefenen? We geven je een aantal handige opdrachten, die je thuis kan uitvoeren, waardoor je alles nog beter leert te begrijpen!

De begrippen die hier worden uitgelegd zijn enorm belangrijk voor het goed belichten van je foto. Hoe ze samen werken leer je het beste in deze artikelen over de belichtingsdriehoek!

Oefening om sluitertijd beter te begrijpen

Bij deze opdracht ga je heel eenvoudig het water uit de kraan fotograferen. Zet je camera op een statief, schakel je interne flitser uit en stel je camera in op sluitertijdvoorkeuze (Tv of S). Draai de kraan een klein beetje open, zodat er een kleine straal water uit loopt. Schakel de autofocus uit en stel handmatig scherp op de waterstraal. Focus je nu op enkel de sluitertijd en maak vier foto's: één met een hele korte sluitertijd zoals 1/5000ste sec., één met een sluitertijd van 1/500ste, één met een sluitertijd' van 1/50ste en één met een langere sluitertijd van 1/5e sec.


Analyseer vervolgens de foto's. Zoals je ziet is in alle vier de foto's het handvat van de kraan scherp. Het verschil is zichtbaar in het stuk waar de beweging in de foto zit: het water! Wanneer je een foto maakt met een hele korte sluitertijd, zoals 1/5000ste sec, dan heeft de waterdruppel maar 1/5000ste van een seconde de tijd om van boven naar beneden te vallen. In die tijd valt de druppel maar een heel klein stukje, waardoor er maar weinig beweging zichtbaar is in de foto en je de druppel haast als volledige druppel kan terugzien. Als je een lange sluitertijd kiest, van vijf seconden, dan vallen er in die tijd enorm veel druppels naar beneden. Je ziet dan dus niet meer de losse druppels, maar een complete stroom aan water.

Oefening om bewegingsonscherpte door de camera te begrijpen

Deze oefening is deels afhankelijk van het objectief dat je gebruikt. Stel je gebruikt een standaard groothoeklens, met een bereik van ongeveer 17-50mm. Zoom dan in tot 50mm en kies een sluitertijd van 1/50e . Gebruik je een objectief van bijvoorbeeld 70-200mm? Zoom dan in tot 200mm en kies voor een sluitertijd van 1/200e. Heb je zowel een groothoek als een telelens? Doe deze opdracht dan eens met beide objectieven om het verschil te ervaren!

Kies een eenvoudige setting in je huis, die als stilleven kan fungeren. Dat kan de klassieke fruitschaal zijn, maar het mag ook een kamerplant, kapstok of een flesje water zijn, als het onderwerp maar niet beweegt! Gebruik hier geen statief, maar fotografeer vanuit de hand. Maak een foto van het stilleven, verleng vervolgens je sluitertijd en maak een nieuwe foto. Blijf deze stap een aantal keer herhalen.

Als je de foto's vervolgens bekijkt, zal je zien dat ze steeds onscherper worden, naar mate de sluitertijd langer wordt. Vrijwel niets in de foto is nog scherp in de laatste foto's.



Hoe werkt bewegingsonscherpte door de camera? Als je met langere sluitertijden fotografeert, wordt vanaf een bepaald moment niet alleen de beweging van het onderwerp, maar ook de beweging van de camera zichtbaar in de foto. Het is als fotograaf (zonder statief) namelijk onmogelijk om de camera perfect stil te houden. Zeker wanneer je verder inzoomt, zoals bij het telebereik, wordt de bewegingsonscherpte steeds sneller zichtbaar. Om te bepalen of je nog uit de hand kan fotograferen, of toch beter een statief kan gebruiken, is er een simpel rekensommetje beschikbaar. In het algemeen geldt dat je bij sluitertijden langer dan 1:brandpuntsafstand een statief moet gebruiken. Fotografeer je op 24mm? Dan zal je ongeveer vanaf 1/30e sec een statief moeten gebruiken. Fotografeer je op 300mm? Dan zal je al vanaf 1/300e sec een statief moeten gebruiken.

Oefening om het diafragma beter te begrijpen

Bij deze oefening moet je een statief gebruiken, of je camera op een tafel leggen. Kies twee voorwerpen, zoals bijvoorbeeld twee kruidenpotjes, vaasjes of glazen en plaats deze ongeveer 20cm schuin uit elkaar. Stel handmatig scherp op het voorste voorwerp en stel je camera in op diafragmavoorkeuze (a-stand). Maak eerst een foto met de laagste diafragmawaarde die het objectief heeft. Dat kan F/1.4 zijn als het om een heel lichtsterk objectief gaat, maar de meeste standaardobjectieven starten met F/3.5. Maak vervolgens nog twee foto's. Één met F8 en één met F32.

F/2.8

F/8

F/32

Als je de foto's met elkaar vergelijkt, zie je dat er steeds meer scherp wordt in de foto als de diafragmawaarde hoger wordt. Oftewel; de foto krijgt een steeds grotere scherptediepte. Als de diafragmawaarde hoger wordt, wordt het diafragma (de lensopening) ook steeds verder gesloten. Dat betekent dat je dus meer licht nodig hebt om foto's te kunnen maken met een grotere scherptediepte.

Oefeningen om de iso-waarde beter te begrijpen

Voor deze oefening kan je dezelfde opstelling gebruiken als bij de vorige oefening. Neem opnieuw een voorwerp en zorg dat je camera op een statief of tafel ligt. Stel de camera in op manual (m-stand) en stel scherp op het voorwerp. Kies voor de eerste foto een iso-waarde van 100 en kies een sluitertijd en diafragma waarbij de foto neutraal belicht is. Maak vervolgens de foto nog een keer, maar kies nu een veel hogere iso-waarde zoals 25.600 en pas opnieuw je overige instellingen aan, zodat de foto weer neutraal belicht is.

ISO 100 (F/5.6 en 1/6e sec)

ISO 25.600 (F/25 en 1/80e sec)

Het verschil tussen de foto's is direct duidelijk; bij de hogere iso-waarde ontstaat een heleboel ruis! Wat je waarschijnlijk ook wel doorhad, was dat je foto veel 'lichter' werd toen je de iso-waarde omhoog schoof en dat je daarom een veel kortere sluitertijd en grotere diafragmawaarde nodig had om de foto alsnog goed te belichten. Met de iso-waarde stel je namelijk de gevoeligheid van de sensor in. Je zal het vooral gebruiken bij situaties met heel weinig licht, zoals avondfotografie of concertfotografie. Een hogere iso-waarde zorgt ervoor dat je sensor gevoeliger wordt voor licht, maar het nadeel is dat er dus heel veel ruis ontstaat in je beeld.

Wil je toch ruisvrije foto's maken bij weinig licht? We geven je hier een aantal handige tips!

Reacties (1)

Om te kunnen reageren, moet je ingelogd zijn

 
RPrevo op 24 augustus 2017 om 08:43

We geven je hier een aantal handige tips!
De link werkt niet