Meld je gratis aan
11 tips om je eigen thuisstudio te beginnen

20 maart 2018, 11:40

Wil je graag een thuisstudio beginnen en kun je wel wat hulp gebruiken? Wij helpen je wat op weg met deze tips!

Bereken je kosten

Als je besloten hebt om een eigen studio te beginnen, dan weet je dat je een flinke stapel extra kosten kan verwachten. Wellicht moet je huur betalen voor een geschikte ruimte of extra lichtsets, je moet een verzekering afsluiten en apparatuur en achtergronddoeken kopen. Zorg ervoor dat je op voorhand deze kosten goed uitdenkt en doorberekend in de prijs van je shoots. Een prijs voor een klant bepaal je dus niet alleen aan de hand van de uren die je kwijt bent aan het fotograferen en de nabewerking, maar alle overige kosten moet je hier ook in verwerken. Een goede inschatting van het aantal shoots dat je maandelijks kan doen, is dus heel belangrijk om de vaste lasten over het aantal opdrachten te verdelen.

Foto: gemmywoudbinnendijk

Bedenk goed wat je nodig hebt

Wat heb je allemaal nodig voor een basic thuisstudio? Dat begint bij twee (flits)lampen en statieven. Daarnaast heb je nog wat andere zaken nodig. Een paar stevige lampstatieven bijvoorbeeld. Vaak zitten er wel statieven bij een flitsset, maar die zijn vaak een zwakke schakel. Meestal kun je de statieven upgraden, zodat je lampen wat steviger staan en je bijvoorbeeld je lampen wat hoger kunt instellen.

Verder heb je lichtvormers nodig. Het karakter van het licht wordt vooral bepaald door het soort lichtvormer dat je erop klikt. Met een heel grote softbox creëer je zacht tekenend licht, terwijl je met een snoot heel gericht hard licht neerzet. Als je één bepaalde stijl hebt, zul je aan één type lichtvormer genoeg hebben. Maar vaak is het erg fijn om te kunnen wisselen, afhankelijk van het type sfeer dat je wilt neerzetten.

Dan een achtergrondrol van papier. Die heb je in verschillende breedtematen, maar 138 cm breedte en 11 meter lengte is voor portretten de meest gebruikte. Wit en zwart zijn de veilige kleurkeuzes. En met een gekleurd filter voor een flitslamp kun je uiteraard die witte achtergrondrol in elke kleur toveren die je maar wilt. Achtergrondrollen hang je op aan de muur met speciale beugels. Maar als je flexibel wilt zijn, kies je voor een ophangsysteem op twee statieven. Wel zo handig als je van je thuisstudio na de shoot snel weer je woonkamer wilt maken.

Foto: lenlaura

Zorg voor een veilige opstelling

Regelmatig zal je in je studio je apparatuur en zware lampen moeten verplaatsen. Zorg ervoor dat alles altijd stabiel staat en dat kabels zo goed als mogelijk zijn weggewerkt. Houd rekening met voldoende bewegingsruimte en creëer vaste looppaden die altijd vrij zijn van kabels. Ga vooral ook niet 'klooien' met zelfgebouwde constructies. Als een zware achtergrondrol namelijk een keer naar beneden valt, is je apparatuur daar niet tegen opgewassen.

Bedenk hoe je jezelf kunt onderscheiden

Studiofotografie moet onderscheidend zijn. Waarom moeten klanten naar jouw fotostudio komen en niet naar de iets goedkopere concurrent in dezelfde stad? Je wilt ervoor zorgen dat mensen je benaderen vanwege je stijl en niet omdat je toevallig scherpe foto's maakt en een betaalbare prijs ervoor vraagt. Twijfel je over jouw onderscheidende eigenschappen? Open in één scherm een aantal van je beste foto's en die van je grootste concurrenten. Als je binnen enkele zinnen kan vertellen wat jouw werk onderscheidend maakt, heb je de perfecte tekst om op je website te plaatsen.

Foto: dutchbeautyfotografie

Zorg voor het werven van klanten

Het maken van prachtige foto's is niet genoeg om een succesvol bedrijf te runnen. Je moet minstens net zoveel tijd kwijt zijn aan netwerken en het leggen van contacten, als dat je bezig bent met fotograferen. Zorg dat je een professionele website hebt, actief bent op social media en houd regelmatig contact met je klanten om je connecties warm te houden.

Foto: danielchorup

Gebruik een stufioflitser

Een studioflitser verschilt op een paar vlakken van een losse handflitser of de flitser die in je camera zit. Het onvoorspelbare van je ingebouwde flitser in de camera is juist wat je er steeds van weerhield om het ding überhaupt te gebruiken. Overbelicht, rode ogen, lelijke snoeiharde schaduwen, ze komen allemaal voorbij als je de ingebouwde flitser gebruikt.

Een studioflitser heeft die problemen dankzij de ingebouwde instellamp niet. Met het instellicht krijg je een goede indicatie hoe het flitslicht op je onderwerp valt als je afdrukt en de flitsbuis ontsteekt. Omdat de flits zelf maar een fractie van een seconde duurt, kun je gebruikmaken van een instellamp die je onderwerp constant verlicht. Op die manier krijg je een goede indruk van het uiteindelijke flitslicht. Als je veel opnames maakt waar al bestaand dag- of kunstlicht aanwezig is, kun je beter kiezen voor een wat fellere instellamp.

Het flitslicht van een studioflitser kan enorm krachtig zijn. Het bevriest de beweging van je model dankzij de korte ontstekingstijd. Het geeft, afhankelijk van de capaciteit van je flitser, zoveel licht dat je zelfs met de laagste iso-waardes gewoon met diafragma F 16 je portret kunt schieten. De kracht van een studioflitser wordt aangegeven in Ws (wattseconde). De goedkope setjes beginnen met 150 Ws, terwijl professionele exemplaren tot wel 1200 Ws per flitskop kunnen gaan.

Bijna alle studioflitsers hebben een lichtsensor, zodat je ze kunt koppelen met al je andere flitsers in de studio. Zo hoef je de camera alleen maar te 'syncen' met één flitskop, en gaan alle andere flitskoppen in je set automatisch af.

Foto: rose-78

Gebruik de juiste camerainstellingen

Om de flitskop te laten weten wanneer de flits precies af moet gaan, gebruik je een synchronisatiekabel die van de camera naar de flitskop loopt. Soms wordt een studioflitsset ook geleverd met een draadloze zender, die je op het flitsschoentje boven op de camera schuift. Draadloos syncen maakt je vooral bij het schieten van modellen een stuk flexibeler.

Je camera zet je in de handmatige M-modus. Je zet de sluitertijd op de flitssynchronisatietijd die je camera aan kan of langer. Flitssynchronisatie? Je reflex of systeemcamera heeft meestal een spleetsluiter, met sluitergordijnen. Dat betekent dat bij heel snelle sluitertijden de sensor nooit helemaal volledig vrij is, maar door een snel bewegende spleet wordt belicht. Meestal is de maximale flitssynchronisatie bij moderne camera's 1/250 seconde. Langer belichten tijdens het flitsen kan natuurlijk altijd. Dan gaat wel het aanwezige omgevingslicht mee spelen, wat vooral bij opnames buiten erg mooie effecten kan opleveren.

Als je een losse flitslichtmeter hebt, kun je de flitsintensiteit meten en de gemeten diafragmawaarde direct overnemen op je camera. Maar zonder flitsmeter kun je natuurlijk ook gewoon met een aantal verschillende diafragma's proefopnames nemen totdat het histogram op je display de perfecte belichting aangeeft. Even experimenteren dus.

Stel jezelf de vraag: flitsers of continulicht?

Als je voor lampen gaat kijken, is een van de eerste vragen die je jezelf moet stellen; wil ik flitsen of kies ik voor continulicht? Als je bijvoorbeeld huisdieren gaat fotograferen, werkt continulicht in sommige gevallen beter, omdat het dier er minder van schrikt. Bovendien kan je direct zien hoe het licht op je onderwerp valt. Dat werkt erg fijn bij het klaarmaken en richten van je opstelling. Een nadeel is dat de lampen soms erg warm kunnen worden, wat zeker niet prettig is voor je model. Daarnaast biedt continulicht vaak onvoldoende licht om kortere sluitertijden of kleinere diafragma te gebruiken. Flitslicht heeft als grote voordeel dat het helpt met het bevriezen van de beweging. Dat biedt je enorm veel creatieve mogelijkheden. De intensiteit van het flitslicht is ook veel groter dan de maximale intensiteit van het continulicht en daarnaast zijn de flitsers vaak een stuk kleiner en handzamer.

Je kan deze twee soorten licht natuurlijk ook combineren! Een mooi uitgelicht portret met continulicht en een extra catch- of hairlight gecreëerd door de flitser. Of denk aan creatieve portretten waarbij je lightpaint met continulicht, terwijl je de beweging van het model bevriest met het flitslicht.

Foto: eyesonpat

Verdiep in de lichtvormers voordat je een flitsset koopt

Lichtvormers zijn de smaakmakers van je licht. Je tovert met een enorme softbox boterzacht licht, met een totaal ander karakter dan het snoeiharde licht van een snoot met ingebouwde grid. Terwijl de basis van dat licht, je flitskop, natuurlijk precies hetzelfde is. Slim dus om je vooraf in de lichtvormers te verdiepen, dus voordat je een flitsset koopt. We bespreken er een paar. Bedenk wel dat alle lichtvormers een specifieke bajonetvatting hebben. Ze zijn dus merkgebonden, al worden er gelukkig ook verloopadapters aangeboden. Zo kun je ook de wat goedkopere merken lichtvormers op de duurdere flitsfabrikanten klikken.

• Softbox

Een vierkante doos waar mooi zacht licht uit komt. Hoe groter het formaat, des te zachter het licht. Het geeft geen hoge contrasten zodat je niet snel dichtgelopen schaduwen of uitgevreten hoge lichten in je histogram ziet. Softboxen zijn ook verkrijgbaar in achthoekige vorm, dan noemen we ze een octagon. Vanwege de wat rondere vorm zal de reflectie in de ogen wat zachter en vriendelijker zijn. Ideaal voor beautyshots.

• Paraplu

Een erg goedkope en nauwelijks nog gebruikte lichtvormer. Omdat de hoge resoluties van je camera de reflecties van de paraplu en de bijbehorende baleinen genadeloos in de ogen van je model spiegelen zijn paraplu's een beetje uit de mode.

• Snoot

Wie gericht licht wil, klikt waarschijnlijk een grid op een reflector. Zo'n honingraat als voorzetstuk richt het licht heel gericht naar één kant. Wie dat licht nog een keer extra wil focussen, monteert snoot én grid, en gebruikt het licht als ouderwetse filmspots in je set.

• Beauty dish

Een vlakke ronde reflector waarmee je het mooiste uit je model naar boven haalt. Omdat de dish perfect rond is, reflecteert het licht in de ogen van je model als een zomerse zon. Dat maakt de beauty dish de ideale lichtvormer voor mooie glamourportretten.

Gebruik licht dat past bij je fotografiestijl

Welk type licht past het beste bij jouw fotografiestijl? Is dat een redelijk harde verlichting, waarbij je veel contrast, kleur en harde schaduwen krijgt? Of is het juist wat zachter licht, wat een stuk subtieler werkt? Dat is natuurlijk ook sterk afhankelijk van het type fotografie dat je in je thuisstudio gaat uitvoeren. Ga je veel modellen fotograferen? Dan is zacht licht waarschijnlijk wat flatterender. Met een softbox, beautydish of door indirect te flitsen via een reflectiescherm krijg je mooi subtiel licht met veel details, maar zonder lelijke schaduwen rond de neus en onder de wenkbrauwen. Bij productfotografie kunnen die schaduwen juist extra vorm geven aan het onderwerp dat je fotografeert. Daar kan hard licht dus juist een heel sterk effect geven. Toch wordt ook hier vaak gewerkt met een kleine fotostudio met diffuse wanden, waardoor al het licht wordt verspreid, zodat het product eenvoudig vrijstaand gemaakt kan worden.

Foto: sannevanbergenh

Weet wat de belangrijkste eigenschappen van studioverlichting zijn

Er zijn drie zaken die je altijd in je achterhoofd moet houden, bij het gebruiken van lichtbronnen in je studio. Samen vormen ze de algehele kwaliteit van je flitslicht:

Kleur
Er zijn daglichtlampen in zowel continu- als flitslichtvorm. Deze hebben een temperatuur van ongeveer 5300 - 5500 Kelvin. Daarnaast zijn er lampen met een veel warmere kleurtemperatuur. Wil je juist echt kleur geven aan je licht? Werk dan met filters voor je lampen.

Richting
De richting van je licht bepaalt voor een groot deel hoe je je onderwerp vormgeeft. Dat doe je door bewust schaduwen te creëren en zaken uit te lichten. De omvormers die eerder besproken zijn, zijn hiervoor heel belangrijk.

Vermogen
Het vermogen, of de intensiteit van de lichtbron, bepaalt vanzelfsprekend hoeveel licht er op je onderwerp valt. Als je kiest voor een softbox of paraplu, wordt je licht veel meer verspreid. Je zal dus een hogere intensiteit nodig hebben om alsnog voldoende licht op het onderwerp te laten vallen. Flitsers hebben vaak een groter vermogen dan continulicht en flitsers met een externe accu of generator hebben weer een groter vermogen dan die met een ingebouwde stroomvoorziening. Hoeveel vermogen een flitser heeft, kan je vaak in de naam terugvinden. Een set Elinchrom 1000/1000 bijvoorbeeld, heeft twee flitskoppen met elk het flinke vermogen van 1000 Watt per seconde.

Met deze collectie kun je veel inspiratie opdoen voor het fotograferen in een studio. Bekijk deze 23 foto's en ga zelf aan de slag!

Reacties

Om te kunnen reageren, moet je ingelogd zijn