Upload jouw foto's
Hoe moet je binnen een foto goed belichten - de basis  © IDG NL

13 november 2019, 11:29

Voor fotografie is licht nodig, het is tenslotte schrijven met licht. Buiten is er meestal genoeg licht, binnenshuis een stuk minder. Voor veel fotografen is binnenshuis fotograferen dan ook een grote uitdaging; een uitdaging die ze zelfs liever vermijden. Maar dat hoeft niet, want met een paar goede handvatten kun je ook binnen mooie foto's maken.

Bewogen, onscherp, lelijke schaduwen of overbelicht door flitslicht ... iedereen heeft ongetwijfeld wel van zulke foto's gemaakt binnenshuis. Toch is het meestal prima te voorkomen, als je de techniek maar onder de knie hebt. Dat is makkelijker dan je misschien denkt.

We gaan nu aan de slag met de basistechniek. Daarbij gaan we in eerste instantie uit van het bestaande omgevingslicht. Je zult zien dat je daar heel ver mee kunt komen en dat het vaak mooiere opnames oplevert dan met een (ingebouwde) flitser. De eerste stap die je zet, is de camera niet meer op volautomaat zetten. Dus blijf zeker van de 'groene stand' af. Je wilt namelijk niet dat de camera ineens de ingebouwde flitser aanzet.

Zorg dat je goed gebruikmaakt van het aanwezige licht. En laat bij architectuurfoto's verticale lijnen recht lopen.

Vaans Ruijten, fotograaf-venlo.eu

Het licht binnen regelen

Als je nog niet al te ervaren bent, is voor binnenfotografie de sluitertijdvoorkeuze de meest logische instelling voor je camera. Uiteindelijk is de sluitertijd namelijk de waarde die je echt onder controle wilt hebben.



Het streven is een sluitertijd tussen de 1/60 en de 1/200 seconde. Zo kun je de camera namelijk nog stabiel houden zonder een statief nodig te hebben. Met camera's met een ingebouwde beeldstabilisatie kun je zelfs tot 1/15 seconde gaan. Let wel: de beeldstabilisatie compenseert alleen jouw beweging, niet die van het onderwerp dat beweegt.


Deze foto is in de keuken met daglicht gemaakt, met een bruin gordijn als achtergrond. Door het meisje voor een raam te zetten heb je een voldoende licht. Het frontaallicht zorgt voor een aangenaam contrast.

Chantal Scholten, chantals.zoom.nl



Een tijd die korter is dan 1/200 seconde is af te raden, zeker bij kunstlicht. Kunstlicht knippert namelijk, maar met zo'n hoge frequentie dat wij het niet kunnen zien met het blote oog. Kies je een korte sluitertijd, dan kun je verschillende belichtingen en/of kleuren krijgen.


Gebruik je een sluitertijd van 1/60 seconde, dan zul je in binnen vaak de lichtgevoeligheid van de sensor flink omhoog moeten zetten. Denk daarbij aan iso-waarden tussen de 1600 en 6400. Gelukkig is dat voor de meeste moderne camera's geen probleem. Het is wel raadzaam om te kijken bij welke waarde jouw camera nog een acceptabel resultaat geeft, want bij hogere gevoeligheden zie je al snel ruis. Daar kun je last van hebben bij het bewerken van je foto en het is minder fraai bij sterke vergrotingen. Eventueel kun je met de ruisonderdrukking in een raw-converter daar nog wat aan doen.

Aanwezig licht

Ga je binnen aan de slag met fotografie, dan heb je vaak te maken met de verlichting die in de ruimte aanwezig is. Die lichtbron is vaak 'puntig', relatief klein en veroorzaakt hard licht. Dit strijklicht veroorzaakt lelijke schaduwen onder de ogen en neus bijvoorbeeld.

Hier komt prachtig licht van het raam schuin achter de kat, waardoor de buitenste haren een mooie licht-gloed krijgen.

Jeroen Bussers, jbussers.zoom.nl



Je moet dus goed leren kijken waar het licht vandaan komt. Komt al het licht vanaf boven en wil je toch een portret maken, dan moet je zorgen dat de persoon niet recht onder de lamp staat, maar net een stap daarachter. Het harde strijklicht wordt nu iets meer frontaal licht, wat dus een zachter contrast oplevert. Het gezicht wordt daardoor mooier gevormd. Zijn er ook lampen die van opzij komen, zoals staande lampen of lampen aan de muur, dan kun je beter daar een portret maken. Ook hier zorg je dat het licht niet puur van opzij komt, maar ook een beetje van voren valt.


Het beste is om zo min mogelijk verschillende lichtbronnen te gebruiken. Het voorkomt allerlei rare onverwachte schaduwen en eventuele kleurverschillen.

Raam

Wil je binnen een object fotograferen of een portret maken, dan is de beste oplossing om te kijken of er een raam of een deuropening is die je kunt gebruiken. Je hebt dan een mooie zachte lichtbron. Zijn er ook gordijnen, dan kun je het licht zelfs regelen. Bij een deuropening kun je dat doen door de deur verder open of dicht te doen.

Je kunt ook je object of de persoon recht voor het raam zetten. Je hebt dan frontaal licht, maar dan wel met lichtpuntjes in de ogen. Dat oogt bij een portret vaak mooi. Door het onderwerp verder weg of juist dichterbij het raam te zetten, kun je heel goed regelen hoe licht of donker de achtergrond wordt ten opzichte van het onderwerp. Zit je dicht bij het raam, dan wordt de achtergrond al snel donker er zal minder licht op de achtergrond vallen ten opzichte van het onderwerp. Staat het onderwerp verder weg, dan wordt het meer één geheel.



Bij deze foto is natuurlijk licht en een reflectiescherm gebruikt om het gezicht mooi uit te lichten.

Isabeau van Vliet, isabeauphotography.zoom.nl

avatar

Dit artikel is onderdeel van een cursus uit Zoom Academy. Dé plek voor online fotografie cursussen, voor beginners en gevorderden. Leer betere foto's maken met deze uitgebreide cursussen vol tips en video's, speciaal gemaakt door Zoom.nl. Wil je verder leren? Bekijk hier het grote aanbod cursussen op www.zoomacademy.nl .

Reacties

Om te kunnen reageren, moet je ingelogd zijn