Upload jouw foto's
De verschillende soorten autofocus uitgelegd © IDG NL

28 maart 2020, 09:03

Autofocus-prestaties zijn daarbij vaak een belangrijk onderdeel en de ontwikkelingen op dat gebied gaan razendsnel. Welke stand kun je het beste gebruiken en welke technieken zijn er allemaal?

Tien jaar geleden was je blij als je tien scherpstelpunten tot je beschikking had, maar tegenwoordig zijn er camera's die vier- of vijfhonderd scherpstelpunten bieden. Die hoeveelheid geeft je voordeel, want zo kun je op ongeveer elke willekeurige plek scherpstellen. 'Vroeger' was het weleens nodig om pas na het scherpstellen je compositie te bepalen, omdat er maar weinig AF-punten beschikbaar waren. Nu kun je scherpstellen op zo ongeveer het hele beeldoppervlak.

Dslr vs systeemcamera

Traditioneel hebben dslr's vaak een razendsnelle autofocus aan boord, dankzij een speciale autofocus-sensor met fasedetectie. Compactcamera's maken vaak gebruik van een systeem gebaseerd op contrastdetectie. Dat werkt accuraat, maar vaak wel minder snel. Daarnaast heeft het systeem soms de neiging om te gaan 'zoeken'.



De laatste jaren worden dslr's echter ingehaald door de systeemcamera, die diezelfde techniek (fasedetectie) gebruikt óp het sensor-oppervlak, vaak gecombineerd met contrastdetectie. Daardoor bieden ze vaak razendsnelle autofocus, die dankzij de fasedetectie-techniek ook nog eens erg accuraat is. Deze sensoren met fasedetectie-autofocus hebben vaak honderden autofocus-punten beschikbaar. Door de enorme rekenkracht zijn ze ook nog eens in staat om razendsnel (in millisecondes) te focussen én om enorm veel foto's te maken in slechts één seconde (burst).

Modi

Het belangrijkste onderscheid dat er te maken is bij de instellingen van je autofocus-systeem is dat tussen enkelvoudige autofocus en continu-autofocus. Deze functies heten bij elke fabrikant verschillend (bij Nikon AF-S en AF-C en bij Canon Single Shot en ai-Servo) maar doen vrijwel hetzelfde. Verwar deze standen overigens niet met de verschillende 'drive' mogelijkheden die bepalen of je één foto of meerdere foto's achter elkaar maakt.

Enkelvoudige autofocus is geschikt voor situaties waarin het onderwerp niet beweegt en continu-autofocus juist voor onderwerpen die bewegen. Bij die laatste 'lock' je de autofocus op een onderwerp en wordt dat onderwerp scherp in beeld gehouden door het af-systeem.

Gezichts- en oog-af

Als je een persoon fotografeert wil je dat diens gezicht en of ogen scherp zijn. Moderne camera's helpen je daarbij, want het autofocussysteem weet hoe een gezicht eruit ziet en stelt daarop scherp als een persoon in beeld verschijnt. Kom je dichterbij, dan zullen veel camera's daarnaast automatisch overschakelen naar 'oog-detectie'. Vaak kun je in dat geval ook nog kiezen welk oog 'voorrang' heeft. Gezichts- en oog-herkenning werkt vaak erg goed en is een techniek die in de praktijk veel voordeel biedt.

Er zijn dus ontzettend veel innovatieve en high-tech autofocus-systemen te vinden in de meeste camera's. Het niet nodig om alle uithoeken van zo'n autofocus-systeem te gebruiken, het gaat er om dat je in de voor jou belangrijke situaties scherpe foto's maakt. De belangrijkste tip is dan ook: zorg dat je weet hoe het af-systeem van je camera in de basis werkt en - misschien nog wel belangrijker - zorg dat je weet welke instellingen je het beste kunt gebruiken voor de foto-situaties waarin je doorgaans terechtkomt. Ben je daarom bewust van de aard van je onderwerp en kies daar de juiste autofocus-stand bij.

Reacties

Om te kunnen reageren, moet je ingelogd zijn