Het gebouw ontvouwt zich als een drieluik: twee kolommen met elk hun eigen patroon van gevelplaten en raampartijen, alsof ze variaties op hetzelfde thema vormen, terwijl het trappenhuis van glas en staal oplicht als een lichte schacht die zich hecht aan één van de kolommen en het geheel een opwaartse spanning geeft.
Opmerkingen