959 keer bekeken
0

Kleine Parelmoervlinder

4 januari, 2010
kleine parelmoervlinder (Issoria lathonia) De zeer mobiele kleine parelmoervlinder is een echte duinsoort, maar wordt ook steeds vaker in het binnenland aangetroffen. Familie aurelia's (NYMPHALIDAE) Kenmerken Voorvleugellengte: 19-23 mm. De bovenkant van de vleugels is oranje met zwarte stippen; in vlucht is dit stippenpatroon tamelijk opvallend. De onderkant van de achtervleugel heeft opvallende, grote ovale zilverkleurige vlekken. De vleugelvorm is enigszins hoekig. Voorkomen Een schaarse standvlinder die voorkomt in de hele kuststreek. Vooral in de zomermaanden kan de kleine parelmoervlinder over grote afstanden zwerven; vandaar dat hij ook af en toe op verschillende plaatsen in het binnenland wordt gezien. Habitat Open pioniervegetaties en schrale droge warme graslanden met kale grond. Waardplanten Diverse soorten viooltjes, waaronder vooral duinviooltje, akkerviooltje en driekleurig viooltje. Vliegtijd en gedrag Begin april-eind oktober in drie of soms vier, elkaar overlappende generaties. Door de verschillen in de ontwikkelingstijd van de rupsen verschijnen vlinders van dezelfde generatie verspreid over een langere periode. Hierdoor overlappen de generaties elkaar sterk en zijn niet duidelijk van elkaar te onderschreiden. Circa 90% van de vlinders is waargenomen tussen 21 april en 5 oktober, waarbij de grootste aantallen in juli en augustus vlogen. De vlinders voeden zich met nectar van verschillende planten, eerst vooral viooltjes en later ook koninginnenkruid en slangenkruid. De vlinders zonnen veel op open plaatsen op de grond of op een muur, maar vliegen snel weg als ze te dicht benaderd worden. Levenscyclus De rups is vrijwel het hele jaar aanwezig. De soort overwintert als halfvolgroeide rups onder in de vegetatie. De verpopping vindt plaats aan een stengel of aan de onderkant van een blad in een los spinsel vlak boven de grond.
Alle rechten voorbehouden
Meer info tonen

Instellingen

Gebruikte apparatuur

Nikon D300

Komt voor in