2367 keer bekeken
0
Natura Artis Magistra
Onder de naam Natura Artis Magistra werd de Amsterdamse dierentuin in 1838 opgericht door "de drie W's": de heren Westerman, Werlemann en Wijsmuller. De meeste Europese dierentuinen waren tot dan toe privébezit, maar in navolging van de London Zoo (1828) wilde ook Artis algemeen toegankelijk zijn, met name voor de gegoede burgerij. "Het bevorderen van de kennis der Natuurlijke Historie" was in dat tijdvak een voornaam streven, en ook kunstenaars zouden gebaat zijn bij het vinden van levend materiaal voor een toenemende interesse in dierstudies.
Begonnen op het terrein rondom de huidige Kinderboerderij, toen "het Buiten Middenhof", breidde Artis zich in de 19e eeuw uit tot een terrein van 11 hectare. Pas in 1997 werd Artis opnieuw verrijkt met de 4 hectare die nog langs het Entrepotdok resteerden: hectares die het aanzien van Artis ingrijpend hebben veranderd. De vroegste collectie was niet erg opzienbarend - een paar papegaaien, aapjes en een Surinaamse boskat - maar al een jaar later kon het hele "reizende beestenspul" van C. van Aken worden overgenomen. Een dierenstoet met aan het hoofd de grote olifant Jack, vergezeld van onder andere 3 paar leeuwen, een panter, een tijger, een poema, hyena's, ijsberen, bruine beren, een zebra, gnoe, kangoeroe, en zelfs een Boa constrictor van meer dan vijf meter lang. In één klap was Artis een echte dierentuin geworden, met daarnaast een flinke en voortdurende groeiende verzameling van "dode voorwerpen", waarvoor in 1850-1855 een indrukwekkend Museum werd gebouwd. Veel van de Artisleden zaten op de Grote Vaart of hadden anderszins met
Oost- en West-Indië te maken, zodat zowel dieren als fraaie uitheemse voorwerpen meer dan dagelijks aan de collectie van het Genootschap Natura Artis Magistra werden toegevoegd. Een heel Ethnografisch Museum, het huidige gebouw De Volharding, stond er rond 1900 mee vol, en in de Tuin vindt de bezoeker nu nog de twee levensgrote 18e-eeuwse boeddhabeelden die Kapitein M.J.B. Noordhoek Hegt uit Japan voor Artis meenam. Steeds meer musea waren nodig om bv. ook de geologische, paleontologische en mineralogische schenkingen een goede plaats te geven en rond 1900 waren er tien van zulke museumruimtes in Artis te vinden. Ook de Bibliotheek werd voortdurend met prachtige en ook antiquarische aanwinsten verrijkt, niet in de laatste plaats omdat oprichter en eerste Artis-directeur G.F. Westerman van huis uit boekhandelaar was. Zijn eigen bibliotheek vormde de grondslag van de bijzonder mooie oude natuurboeken-verzameling van de Artisbibliotheek, die inmiddels onder de hoede is gesteld van de Universiteit van Amsterdam.
Bron : http://www.artis.nl/main.php?pagina=paginas/i/cultuurhistorie/dl_histo.html
Groet Nick
Alle rechten voorbehoudenMeer info tonen
Opmerkingen