Aan de slag met scherpstellen!

24 februari 2026 12:18
24 februari 2026 12:18
Tess Mutsters

Een scherpe foto lijkt vanzelfsprekend, maar in de praktijk blijkt het vaak lastiger dan je denkt. Je maakt een mooie compositie, het licht is goed en toch is je foto net niet scherp op de plek waar je hem wilt hebben. Dat kan frustrerend zijn, zeker als je net begint met fotograferen. Gelukkig kun je met een paar basisprincipes al veel meer controle krijgen over waar de scherpte in je foto komt te liggen.

Foto: VanTermeij - ISO 200 · ƒ/7.1 · 1/30s · 20mm

Eén belangrijke stap is leren kijken naar wat écht je onderwerp is. Scherpstellen is namelijk niet alleen een technische handeling, maar ook een creatieve keuze. Door bewust te bepalen wat scherp moet zijn, stuur je de aandacht van de kijker en maak je je foto sterker. In dit artikel vertellen we je alles over hoe scherpstellen werkt.

Automatisch en handmatig scherpstellen

De meeste camera’s hebben autofocus (AF) en handmatige scherpstelling (MF). Bij autofocus bepaalt de camera met behulp van scherpstelpunten waar hij scherpstelt. Dat werkt snel en is in veel situaties heel betrouwbaar. Vooral bij stilstaande onderwerpen en voldoende licht. 

Handmatig scherpstellen gebruik je vooral in situaties waarin autofocus moeite heeft, zoals bij weinig licht, mist of wanneer je door glas of gaas fotografeert. Ook bij macrofotografie om soms bij landschappen kan handmatig scherpstellen prettig zijn, omdat je dan heel precies kunt bepalen waar het scherptepunt ligt.

Het juiste scherpstelpunt

Veel beginners laten de camera automatisch een scherpstelpunt kiezen. Dat lijkt handig, maar de camera weet niet wat jouw onderwerp is. Hij kiest vaak het dichtstbijzijnde of meest contrastrijke deel van het beeld. Door zelf één scherpstelpunt te selecteren, houd je controle. Richt dat punt op het belangrijkste onderdeel van je foto, bijvoorbeeld de ogen bij een portret, of het hoofd van een dier. Zo voorkom je dat de scherpte op de achtergrond licht, terwijl je onderwerp zacht wordt.

Foto:

Enkelvoudige en continue autofocus

Camera’s hebben meestal verschillende autofocusstanden. De meest gebruikte zijn enkelvoudige autofocus (vaak AF-S of One Shot genoemd) en continue autofocus (AF-C of AI Servo). 

Bij enkelvoudige autofocus stelt de camera één keer scherp wanneer je de ontspanknop half indrukt. Dit is ideaal voor stilstaande onderwerpen zoals landschappen, gebouwen en portretten zonder beweging.

Continue autofocus blijft scherpstellen zolang je de ontspanknop ingedrukt houdt. Deze stand is handig bij bewegende onderwerpen, zoals spelende kinderen, dieren of sport. De camera probeert het onderwerp te blijven volgen terwijl het beweegt.

Scherpstellen en kadreren

Een veelgebruikte techniek is scherpstellen en daarna je compositie aanpassen. Je richt je scherpstelpunt op het onderwerp, drukt de ontspanknop half in om scherp te stellen en verplaatst daarna je camera om de compositie goed te maken. 

Dit werkt prima bij grotere scherptediepte, maar kan problemen geven bij een groot diafragma (bijvoorbeeld f/1.8 of f/2.8). Dan is de scherptediepte zo klein dat het scherpstelvlak verschuift zodra je de camera beweegt. In dag geval is het beter om direct het juiste scherpstelpunt te kiezen in plaats van opnieuw te kadreren.

Foto:

Wanneer gaat het vaak mis?

Onscherpe foto’s ontstaan niet alleen door verkeerd scherpstellen. Beweging van de camera of het onderwerp kan er ook voor zorgen dat een foto niet scherp oogt. Een te lange sluitertijd bij uit de hand fotograferen geeft bewegingsonscherpte, zelfs als je scherpstelling verder correct is.

Ook weinig contrast kan autofocus in de war brengen. Een egale muur, mist of een witte sneeuwvlakte geven de camera weinig houvast om scherp te stellen. In zulke situaties helpt het om op een contrastrijk randje te richten, of tijdelijk handmatig scherp te stellen.

Oefenen met scherpstellen

Scherpstellen leer je vooral door te oefenen. Probeer bewust te variëren: fotografeer eens met één scherpstelpunt in plaats van automatisch, test het verschil tussen enkelvoudige en continue autofocus en kijk achteraf waar de scherpte ligt. Door je foto’s terug te kijken op een groter scherm zie je sneller of je scherpstelling klopt. Zo leer je herkennen wanneer je camera goed heeft scherpgesteld en wanneer niet.

Foto:

Opmerkingen

of en discussieer mee!
Wees de eerste die een opmerking achterlaat.