De zomer is misschien wel het meest fotogenieke seizoen van het jaar. Lange dagen, kleurrijke bloemenvelden, warme avonden en mensen die volop buiten leven zorgen voor eindeloos veel fotografische mogelijkheden. Toch is zomerfotografie niet altijd eenvoudig. Het licht is hard, de contrasten zijn groot en de kleuren die je ziet komen lang niet altijd terug op je foto.
In dit eerste artikel van zomerfotografie richten we ons op vier onderwerpen die je deze maanden overal tegenkomt: landschappen, natuur, portretten en zomerkleuren. Met een paar praktische technieken haal je veel meer uit je zomerfoto's.
1. Landschappen: profiteer van het mooiste licht van de dag
Wie midden op een zonnige zomerdag een landschap fotografeert, komt vaak thuis met fletse kleuren, harde schaduwen en een vlakke lucht. De oplossing is simpel: fotografeer wanneer het licht op zijn mooist is.
In juni, juli en augustus begint dat vaak al vroeg. Tijdens de eerste uren na zonsopkomst hangt er regelmatig nog wat nevel boven weilanden, zijn de kleuren zacht en ontstaan er veel minder harde contrasten. Ook de laatste uren voor zonsondergang zijn ideaal. Het warme licht geeft diepte aan het landschap en laat kleuren veel rijker uitkomen.
Zoek in de zomer eens naar bloeiende akkerranden, paarse heidevelden, kronkelende dijkjes of uitgestrekte graanvelden. Juist deze typische zomerse onderwerpen krijgen extra sfeer wanneer je ze fotografeert tijdens het gouden uur.
Een polarisatiefilter kan daarbij helpen. Het filter maakt blauwe luchten dieper van kleur, laat wolken beter uitkomen en vermindert hinderlijke reflecties op water en bladeren.
Vergeet ook niet een duidelijk onderwerp in je landschap op te nemen. Een boom, molen, vuurtoren, wandelaar of fiets geeft de kijker houvast en maakt een foto vaak veel sterker.
2. Natuurfotografie: de zomer bruist van leven
Voor natuurfotografen zijn de zomermaanden een feest. Overal zie je activiteit. Jonge vogels worden gevoerd, insecten vliegen van bloem naar bloem en veel planten staan volop in bloei.
De vroege ochtend blijft ook hier het beste moment van de dag. Niet alleen vanwege het licht, maar vooral omdat dieren dan actief zijn. Bovendien zijn insecten in de koele ochtend vaak nog minder beweeglijk, waardoor ze makkelijker te fotograferen zijn.
Voor macrofotografen is de zomer een ideale periode. Denk aan vlinders, libellen, hommels, zweefvliegen en sprinkhanen. Probeer niet alleen close-ups te maken, maar laat ook eens iets van de omgeving zien. Een vlinder tussen bloeiende bloemen vertelt vaak meer dan een extreem close detailbeeld.
Ook vogels bieden volop kansen. Jonge zwaluwen wachten op voedsel, ooievaars zijn druk met hun kroost en veel watervogels zijn met hun jongen onderweg. Met een telelens van 300 mm of meer kun je deze momenten vastleggen zonder te verstoren.
Wie graag zoogdieren fotografeert, kan in de vroege ochtend op zoek naar reeën, konijnen of vossen. Juist wanneer het landschap nog rustig is, ontstaan vaak de mooiste ontmoetingen.
3. Portretten: maak gebruik van het zomergevoel
In de zomer zijn mensen vaker buiten en dat zie je terug op foto's. De ontspannen sfeer van een terras, een wandeling door de natuur of een avond op het strand zorgt vaak voor natuurlijke portretten.
Veel beginnende fotografen denken dat fel zonlicht ideaal is voor portretten. In werkelijkheid levert dat vaak harde schaduwen en dichtgeknepen ogen op. Zoek liever de schaduw van een boom, een gebouw of een steegje op. Daar ontstaat zacht en flatterend licht.
Wil je toch gebruikmaken van de zon? Kies dan voor tegenlicht. Plaats de zon achter je model en laat het warme licht door haren of kleding schijnen. Hierdoor ontstaat een sfeervolle gloed die perfect past bij zomerse portretten.
Werk bij voorkeur met een relatief groot diafragma, bijvoorbeeld f/2.8 of f/4. Daarmee vervaag je de achtergrond en komt alle aandacht op je model te liggen.
Een simpele tip die vaak veel verschil maakt: laat mensen iets doen. Laat kinderen spelen, iemand bloemen plukken of wandelen door een veld. Dat levert vaak spontaner beeld op dan een stijve pose recht in de camera.
4. Maak kleur het onderwerp van je foto
De zomer is het seizoen van kleur. Gele zonnebloemen, rode klaprozen, paarse lavendelvelden, blauwe luchten en groene natuur domineren het landschap. Toch gebruiken veel fotografen kleur alleen als onderdeel van een foto, terwijl kleur zelf ook het onderwerp kan zijn.
Maak jezelf eens een creatieve opdracht. Kies één zomerkleur en probeer daar een serie foto's mee te maken. Fotografeer bijvoorbeeld alleen geel: zonnebloemen, strandparasols, rijpend graan en avondzon. Of richt je op rood met aardbeien, bloemen, kleding en zonsondergangen.
Door bewust naar kleur te zoeken, train je je fotografische oog. Bovendien ontstaat er vanzelf meer samenhang tussen je foto's. Juist in de zomer kun je zo een persoonlijke fotoserie maken die de sfeer van het seizoen perfect weergeeft.
©Roeselien Raimond
Volgende week: deel 2
In deel 2 gaan we verder met de zomer buiten de natuur. Dan kijken we naar straatfotografie, evenementen, festivals, reisfotografie en zomerse reportages. Onderwerpen waarbij niet alleen licht en kleur belangrijk zijn, maar vooral ook het vastleggen van sfeer, verhalen en spontane momenten.
Opmerkingen