De beste technieken voor architectuurfotografie

1 mei 2024 07:48
redactiezoomnl

Er gebeurt veel in een gemiddelde architectuurfoto. Jij als maker moet overzicht brengen in het beeld. Dat zorgt voor nogal wat technische uitdagingen.

Wil je veel meer leren over architectuurfotografie en bijzondere standpunten en composities? In de Zoom Academy Inspiratiecursus Architectuur krijg je tips van fotografen uit de praktijk!

Diafragma en sluitertijd

Allereerst heb je – vooral met groothoek – elementen dichtbij en veraf die je allebei scherp wilt hebben. Het is handig om hiervoor een klein diafragma (groot getal) in te stellen. Een waarde tussen F 11 en F 16 is een mooi streven, mede omdat dit vaak de ‘sweet spot’ van een objectief is: het diafragma waarop het objectief de mooiste scherpte geeft.

Met een dergelijk diafragma loopt de scherptediepte door van dichtbij tot oneindig. Een klein diafragma kun je zonder problemen gebruiken omdat er geen bewegende objecten in beeld staan en je sluitertijd dus lekker lang kan zijn (bij gebruik van een statief natuurlijk). Secondenlang belichten is geen enkel probleem. De iso kan dan ook laag blijven, iso 100 levert een veel dynamischer bereik en amper ruis op. Je zet hierbij natuurlijk de camera wel op statief.

De sterke middagzon op de bogen van deze golfbreker zorgde voor de harde schaduwen en fel opgelichte stukken. En zelfs de auto aan het einde van de golfbreker is nog scherp.
Carola van Rooy
Panasonic GM1 · ISO 200 · F 13 · 1/250 SEC · 15 MM

Draad of zelfontspanner

Kies je een lange sluitertijd, dan is het wel zaak goed steady te werken. Gebruik naast je statief dus een draadontspanner. Zo zit je niet aan de camera tijdens de opname. Heb je geen draadontspanner? Stel de camera dan in op de zelfontspanner (het liefst van tien seconden), zodat je zeker weet dat er geen beweging door jouw toedoen in de foto komt. Fotografeer je met een spiegelreflex, dan kun je ook de spiegel vooraf laten opklappen. Alles voor de ultieme scherpte. Kijk in je gebruiksaanwijzing of en waar en deze functie in jouw camera zit.

Wel of geen mensen?

In de meeste gevallen wil je geen mensen in een interieur- of architectuurfoto opnemen. Ze verstoren de compositie. Maar soms kan een langslopende zakenman of traplopend stelletje juist wel handig zijn om dynamiek in het beeld te krijgen. Ook kan het de functie of grootte van een ruimte duidelijker maken. Het is dan wel handig de persoon met bewegingsonscherpte op te nemen, zodat hij of zij niet te veel de aandacht afleidt. Kies dus weer een lange sluitertijd, zodat de persoon vervaagt.

Polarisatiefilter

Bij het fotograferen van exterieur-architectuur is het gebruik van een polarisatiefilter vaak handig. Draai het in een bepaalde hoek voor je objectief om gemakkelijker lichtreflecties weg te filteren. Bij water- en ruitreflecties zie je dit het duidelijkst terug, maar ook bladeren aan een boom of de reflectie van water worden keurig weggewerkt. Door de reflectievermindering krijg je ook veel meer kleur in je foto’s. Een zeer bruikbaar filter dus voor de architectuurfotograaf.

Pas wel op dat je het niet met te veel groothoek gebruikt als je ook de lucht fotografeert, want het filter werkt meer in de ene richting dan in de andere. Het kan dan gebeuren dat het filter alleen in het midden van het beeld werkt. Je ziet dan dus verloop van licht (ongefilterd) naar donker (gepolariseerd). Het filter neemt ook een paar stops licht weg, waardoor je sluitertijd langer wordt.

Grijsfilter

Ook grijsfilters (ook wel ND-filters) kunnen een handig accessoire zijn. Ze werken als een soort zonnebril voor je objectief, want ze nemen licht weg. Je kunt bij aanschaf kiezen hoeveel stops licht het filter tegenhoudt: 1, 2, 3, 5, 10 of zelfs 16 stops. Het meest gebruikt wordt de 10-stops-variant. Als je sluitertijd zonder filter 1/30 is, ga je met het filter erop ineens naar 30 seconden.

Wat kun je daarmee? Met dertig seconden (of nog veel langer) worden bewegende onderwerpen wazig. Wolken bewegen in beeld, water krijgt een soort zijdeachtige vervaging; het zorgt voor cleane, trendy architectuurfoto’s. Andere toepassing: als ergens veel mensen rondlopen, kun je die laten verdwijnen door een paar minuten te belichten met een ND-filter op je lens. Handig op stations en vliegvelden.

Avondfoto van een megalomaan gebouw in Singapore. De reflectie in het water werkt hier goed.
Albert Bakker (dutchal)
Canon 5D · ISO 100 · F 9 · 48 SEC · 17 MM

Tijdstip

Een van de essentiële onderdelen van een goede architectuurfoto is het tijdstip van de dag. Het overgrote deel van de buitenfoto’s maak je tijdens het ‘gouden’ of ‘blauwe’ uurtje. De zon is net niet op (blauwe uur), net op (gouden uur), bijna onder (gouden uur) of net onder (blauwe uur). Hierdoor komt er een prachtige gloed over het gebouw of de brug. Als dan ook de straat- of kantoorverlichting al of nog aan is, is de sfeer compleet. Er zijn apps als Sun Surveyor en PhotoPills waarmee je gemakkelijk kunt zien wanneer de verschillende uurtjes aanbreken.

Als de zon eenmaal op is, moet je goed in de gaten houden hoe hij draait. Hij komt in het oosten op en gaat in het westen weer onder. Een gebouw op het westen heeft dus alleen middagzon. Ook speelt de dag van de week een rol. Op zondag staan er geen auto’s voor kantoorpanden, op maandag is het rustig in een winkelcentrum. Allemaal elementen die meespelen voor een geslaagd beeld!

Een hele originele en speelse foto door het opkomende zonlicht dat door de openingen in de brug valt.
Peter Soetewey (petersoetewey)
Nikon D810 · ISO 200 · F 7,1 · 1/500 SEC · 14 MM

Lenscorrectie

In de nabewerking is er aantal belangrijke zaken waar je goed op moet letten bij een architectuurfoto.

Bij exterieurfoto’s is het zaak de lijnen recht te zetten als die niet waterpas zijn gefotografeerd, in bewerkingsprogramma’s vaak te vinden als Lenscorrectie. Je selecteert je eigen objectief, waarna de tool de vervorming corrigeert. Met een optie als Verticaal perspectief kun je vallende lijnen corrigeren zodat ze weer recht staan.

Bij interieurfotografie heb je soms het probleem van kleurzwemen. Buitenlicht valt samen met kunstlicht van binnen in hetzelfde beeld. Dat betekent dat het buitenlicht blauw wordt of het binnenlicht geel. Je kunt dit op verschillende manieren oplossen. Allereerst kun je in de raw-bewerking een gemiddelde tussen de ene en de andere kleurtemperatuur nemen. Als binnen 3000 K is en buiten 6000 K, stel je de witbalans in op 4500 K. Een preciezere manier is een selectie maken van de zweem en daar vervolgens apart de witbalans van bijstellen. In de raw-converter kan dit bijvoorbeeld door een radiaalfilter over een deel van het beeld te plaatsen, en dat deel aan te passen.

Tijdens de nabewerking is de vervorming door de extreme groothoek wat gecorrigeerd en is de foto omgezet naar zwart-wit met een selenium tint.
Wouter van de Weerd (wouter-20)
Canon 7D · ISO 800 · F 5,6 · 1/13 SEC · 10 MM

Zoom Academy

Wil je veel meer leren over architectuurfotografie en bijzondere standpunten en composities? In de Zoom Academy Inspiratiecursus Architectuur krijg je tips van fotografen uit de praktijk!

Je leert zoal:

  • De basistechnieken voor architectuur
  • Veel tips uit de praktijk
  • Kijken naar voorbeelden van anderen
  • Alles over apparatuur, instellingen en locaties

Dat wil je toch? In deze inspiratiecursus leer je alles over Architectuurfotografie!

Opmerkingen

of en discussieer mee!
Wees de eerste die een opmerking achterlaat.