Hoe werkt de witbalans?

3 februari 2026 10:16
3 februari 2026 10:44
Tess Mutsters

Heb je weleens een foto gemaakt die er veel blauwer of juist veel warmer uitzag dan je in het echt zag? Dan heb je waarschijnlijk te maken gehad met een verkeerde witbalans. Witbalans klinkt technisch, maar het principe is eigenlijk heel simpel. De witbalans zorgt ervoor dat het wit in de foto ook echt wit wordt en dat andere kleuren zo natuurlijk mogelijk worden weergegeven.

Foto: KarenBrouwer - ISO 320 · ƒ/16 · 30s · 23mm

In dit artikel leggen we je uit wat witbalans precies is, waarom het belangrijk is en hoe je er als beginnende fotograaf mee om kunt gaan.

Wat is witbalans?

Witbalans is de instelling die bepaalt hoe warm of koel de kleuren in je foto worden weergegeven. Licht is namelijk nooit helemaal neutraal wit. Zonlicht in de ochtend en de avond is vaak warm en geelachtig, terwijl schaduw of licht met meer bewolking juist koeler en blauwer is. Kunstlicht kan dan weer een oranje of groene gloed geven.

Onze ogen passen zich automatisch aan deze verschillen aan, maar een camera doet dat niet vanzelf. Daarom heeft je camera een witbalans-instelling die probeert te corrigeren voor de kleur van het aanwezige licht, zodat kleuren er natuurlijk uitzien.

De automatische witbalans

De meeste camera’s staan standaard op de volautomatische witbalans. Je camera maakt dan zelf de keuze over hoe de witbalans wordt ingesteld. In veel situaties werkt dat prima. De camera analyseert het licht en probeert te bepalen wat wit zou moeten zijn in de foto. Als je net begint met fotograferen en nog druk bezig bent met het onder de knie krijgen van de belichtingsdriehoek, kan de automatische witbalans erg fijn zijn om mee te beginnen.

Bij daglicht en eenvoudige lichtsituaties levert deze instelling vaak een realistisch resultaat op. Toch kan de automatische stand soms de mist ingaan, vooral bij gemengd licht (bijvoorbeeld binnen met lampen én daglicht) of bij sterk gekleurde omgevingen, zoals bij zonsondergang of in de sneeuw.

Voorinstellingen voor verschillende soorten licht

Naast de automatische stand kun je in je camera meestal kiezen uit verschillende voorinstellingen, zoals daglicht, bewolkt, schaduw, gloeilamp of TL-licht. Met deze instellingen vertel je je camera wat voor soort licht er is, zodat hij daar beter op kan afstemmen. 

Bijvoorbeeld: bij bewolkt weer kun je de stand ‘bewolkt’ kiezen om je foto iets warmer te maken. In de schaduw helpt diezelfde instelling om een blauwe zweem te verminderen. Door hiermee te experimenteren zie je direct wat witbalans doet met de sfeer van je foto.

Handmatig de witbalans instellen

Sommige camera’s bieden ook de mogelijkheid om de witbalans handmatig in te stellen, vaak in Kelvin-waarden. Hoe lager de waarde, hoe koeler (blauwer) je foto wordt. Hoe hoger de waarde, hoe warmer (geler) het beeld oogt.

Dat klinkt ingewikkeld, maar het geeft je wel volledige controle. Je kunt bijvoorbeeld bewust een warme sfeer behouden bij zonsondergang in plaats van dat de camera alles neutraler maakt. 

Witbalans achteraf corrigeren

Fotografeer in je in RAW? Dan kun je de witbalans van je foto achteraf eenvoudig aanpassen in een bewerkingsprogramma zoals Lightroom. Dat is een groot voordeel, omdat je niet tijdens het fotograferen alles perfect hoeft te doen. Bij JPEG kun je de witbalans ook wel gedeeltelijk aanpassen, maar dan wordt je beeld lang niet zo natuurlijk. Sowieso heb je veel meer bewerkingsmogelijkheden als je in RAW fotografeert.

Waar je ook voor kiest, het is handig om even te spelen met de witbalans en te ontdekken wat voor jou het fijnste werkt.

Opmerkingen

of en discussieer mee!
Wees de eerste die een opmerking achterlaat.