Moeilijke lichtomstandigheden? Zo ga je om met ruis en ruisonderdrukking

12 april 2021 08:57
12 april 2021 16:03
redactie Zoom.nl

Moeilijke lichtomstandigheden? Zo ga je om met ruis en ruisonderdrukking

Door: redactie Zoom.nl | 12 april 2021 08:57
Ruis is een vervelend fenomeen in je foto’s, dat je helaas niet altijd kunt vermijden. Maar hoe ga je het best om met ruisonderdrukking? Daarnaast laten we zien waarom het belangrijk is om je eigen camera te kennen en leer je hoe je de ruisgevoeligheid van je apparatuur kunt testen.

Iedere fotograaf kent deze situatie: je hebt een fantastisch beeld gemaakt en op het kleine schermpje van de camera ziet het er ook fantastisch uit. Maar eenmaal thuis achter de computer zie je dat de donkere gedeeltes van je beeld vol zitten met beeldruis. Waarschijnlijk komt dat doordat je een hoge iso-waarde hebt gebruikt, vermoedelijk omdat de lichtomstandigheden een lagere waarde niet toelieten.

Ondanks dat het wellicht de enige manier was om dat beeld op dat moment te kunnen maken, is het natuurlijk wel heel frustrerend dat je fraaie beeld is ‘besmet’ met ruis. Natuurlijk zijn er manieren te bedenken waarop je deze ruis uit je beeld weg kunt halen, maar eerst kijken we naar manieren om ruis in je beelden te voorkomen. Voorkomen is immers beter dan genezen.

Een fraaie plaat waarin de ruis mooi is onderdrukt. Er is een iso van 400 gebruikt om niet te veel ruis te krijgen en toch een sluitertijd die kort genoeg was om geen beweging in de bladeren te krijgen.Rob Visser, robvisser.zoom.nlNikon D5100 · ISO 400 · F 7,1 · 1 SEC · 10 MM

Ruis voorkomen

Wat kun je doen om ruis in je beelden te voorkomen? Allereerst is het altijd verstandig om je iso-waarde zo laag mogelijk te houden. Of in ieder geval onder de kritieke drempelwaarde waarop de beeldruis in jouw specifieke geval erg zichtbaar wordt. Hoeveel ruis er in je beeld verschijnt bij een bepaalde iso-waarde is dan ook geen vaststaand feit, maar verschilt per camera of – meer precies – per beeldsensor.

Iso-waarde

De iso-waarde in de praktijk laag houden, betekent vaak dat je een (te) lange sluitertijd zult moeten gebruiken om het licht de tijd te geven om op je sensor te vallen. Meestal zal die sluitertijd te lang zijn voor een scherpe foto uit de hand. Daarom is het verstandig om een statief mee op pad te nemen als de lichtomstandigheden niet ideaal zijn. Zo kun je de iso-waarde zo laag mogelijk houden en toch met een scherp beeld thuiskomen.

Kan dat bagage-technisch niet, dan zul je een balans moeten vinden tussen sluitertijd, iso-waarde en scherpte. Als je beeldstabilisatie aan boord hebt, is die techniek vaak ook enorm behulpzaam omdat je dan met wat langere sluitertijden nog uit de hand kunt fotograferen.

Ruisreductie in camera

De lichtomstandigheden en jouw instellingen zijn dus belangrijk voor het eindresultaat. Daarnaast zijn er ook mogelijkheden om in je camera of achteraf in de nabewerking aan de slag te gaan met ruisreductie of het weghalen van de verschenen beeldruis. Veel camera’s kunnen dit intern, waarbij je vooraf een mate van ruisreductie in dient te stellen.

Scherpte

Er is echter iets dat je altijd goed moet onthouden als het gaat om ruisreductie: in de meeste gevallen betekent ruisreductie ook een reductie in scherpte. Zet je interne ruisreductie dus niet meteen op de hoogste stand, want dan kom je thuis met beelden die qua scherpte niet meer overtuigen. Daarnaast wordt deze ruisreductie alleen bij jpeg-beelden toegepast. Voor raw-foto’s ben je alsnog aangewezen op handmatige ruisreductie in de nabewerking.

Ruis is niet altijd vervelend. In deze foto is de ruis juist omarmd door de fotograaf.Ward Keijzer, wardkeijzer.zoom.nlNikon D7200 · ISO 800 · F 4,5 · 1/400 SEC · 200 MM

Ruis achteraf reduceren

Ruis is ook goed aan te pakken in de nabewerking thuis achter de computer. Dat is ook de slimste methode, om meerdere redenen. Je kunt dan namelijk goed zien wat je doet, op een groter scherm. Daarnaast kun je in de meeste gevallen ook nog terugvallen op je originele beeld, waardoor je non-destructief aan het werk bent.

Nabewerking

Elk fotobewerkingsprogramma – of je nu Photoshop, Lightroom, Capture One of ieder ander pakket gebruikt – heeft een vorm van ruisreductie ingebouwd, waarbij je zelf controle over de instellingen hebt. Vaak werkt dit via een schuifje waarmee je zelf de mate van reductie in kunt stellen. Dit werkt meestal best goed, waarna je direct een vermindering van de ruis in je beeld kunt zien.

Lokaal

Ruis is echter niet in alle gedeeltes van je beeld even goed zichtbaar of zelfs aanwezig. Donkere en egale oppervlakken zijn vaak veel gevoeliger voor ruis dan lichte gedeeltes. Ook hoeft ruis in bepaalde gevallen geen probleem te zijn als het verschijnt in structuren van kleding of ander materiaal. Soms kan de ruis zelfs structuur of karakter toevoegen. Daarom is het eigenlijk beter om lokale ruisreductie toe te passen in specifieke gedeeltes van je beeld. Dit voorkomt ook dat de scherpte afneemt op delen waar je dit niet wilt.

De ruis lokaal reduceren kun je in vrijwel ieder softwarepakket doen. Vaak gaat dit door middel van een aanpassingspenseel of het maken van een masker. Op die manier ben je heel specifiek de ruis in je beeld aan het aanpakken, en laat je gedeeltes die geen ruis bevatten met rust. Met dus alle voordelen van dien voor de scherpte en de originele beeldkwaliteit.

In een fraaie macroplaat als deze zou ruis zeker misstaan.Tari van Aartrijk, tarivanaartrijk.zoom.nlOlympus E-M10 II · Exif onbekend

Ruis en jouw camera

Welke methode je ook gebruikt voor het reduceren van de ruis in je beelden: het is altijd goed om je eigen camera goed te kennen. Zo is het verstandig om te weten bij welke iso-waarde je camera (te) veel ruis veroorzaakt. Als je onder die drempelwaarde blijft, zul je altijd goed in staat zijn om de aanwezige ruis voor een groot gedeelte weg te halen.

Beelden analyseren

Om te weten bij welke iso-waarde de alarmbellen af moeten gaan, is het goed om je bestaande beelden eens uitgebreid te analyseren. Zet ze eens naast elkaar en zoom in op de donkere en egale gedeeltes. Is er ruis te zien? Waar precies, en hoeveel? En de belangrijkste vraag: bij welke iso-waarde is het ruisniveau nog aanvaardbaar én goed te behandelen in de nabewerking?

Ruis-check:

Natuurlijk kun je ook zelf nog een grondige nieuwe test uitvoeren. Dat doe je als volgt:

Selecteer een geschikte en gevarieerde achtergrond met donkere en lichte gedeeltes en voldoende verschillende materialen en texturen.

Zet je camera op een statief, zodat je iedere keer exact hetzelfde beeld maakt. Dit hoeft niet per se, maar draagt wel bij aan de consistentie in de reeks.

Maak vervolgens een aantal beelden waarbij je tussen het maken van ieder beeld de iso-waarde bijstelt naar boven. Begin bij de laagst mogelijke waarde, bijvoorbeeld 100. Ga stapsgewijs richting de 3200 of zelfs hoger. Pas de sluitertijd aan om weer dezelfde belichting te krijgen.

Bekijk de beelden op een groot scherm en doe een vergelijkend onderzoek. Bekijk per categorie – donker, licht, structuur of egaal – hoe het is gesteld met de ruis in je beelden. Waarschijnlijk is nu goed te zien bij welke iso-waarde de ruis (te) sterk aanwezig is.

Ga eventueel met elk beeld afzonderlijk aan de slag in de nabewerking. Zo kun je zien bij welke waarde de ruis nog goed is te corrigeren zonder nadelige effecten voor de scherpte.

Kies vervolgens een iso-waarde uit die voor jou de drempelwaarde wordt. De stelregel is voortaan: nooit meer hoger gaan dan die waarde tenzij écht noodzakelijk, zodat de optimale kwaliteit in je beelden gewaarborgd is.

Ruis voegt soms ook sfeer toe, zoals hier. Model: Djamila PloegMirjam Rosa Fotografie, mirjamrosa.zoom.nlSony A7 III · ISO 1000 · F 1,4 · 1/160 SEC · 50 MM